Verhaal

De laatste oorlogsdagen in Wijhe (9 april tot 22 mei 1945)

Auteur: 
Freerk Kunst

In september 2012 ontving de Historische Vereniging Wijhe onverwacht een mail van Steven Verhoef, kleinzoon van Frederik George Verhoef. Hij schreef: Mijn opa de heer F.G. Verhoef sr. heeft gedurende de 2e Wereldoorlog en nog enige tijd daarna in Wijhe gewoond op het adres Enkweg 18. Voor zijn kinderen hield hij in briefvorm een soort dagboek bij van de laatste oorlogsdagen in Wijhe. Ik heb deze brieven netjes uitgetypt en van wat fotootjes voorzien (dit ook uit Uw eigen archief). Ik hoop dat U dit leuk vindt. En U bent vrij om er wat mee te gaan doen. Ik ben zelfs bereid om U de originele brieven te schenken.

Later schreef de kleinzoon: U moet weten dat mijn Opa naar Wijhe is gekomen omdat hij zijn huis in Castricum door de Noord Atlantische anti-tankwall moest verlaten. Waarom hij juist Wijhe heeft gekozen weet ik niet. Na de oorlog is hij weer teruggekeerd naar zijn huis in Castricum.

Wij hebben kleinzoon Verhoef de exacte plek konden aanwijzen waar zijn opa en oma in die periode hebben gewoond: de boerderij van Strunk, even buiten het centrum van Wijhe, naast de toenmalige Gereformeerde school. Vlak tegenover woonde timmerman Schuurman. De namen Strunk en Schuurman worden in de brieven van Verhoef enkele keren genoemd. De boerderij van Strunk is afgebroken, evenals de Gereformeerde school. Opmerkelijk is dat een kind van deze Frederik George Verhoef, Willem Verhoef (1912-1942), al in 1930 in Wijhe was komen wonen op het adres Enkweg 16. In 1942 is hij overleden in Wit Rusland. De heer Verhoef sr. werd geboren op 28 mei 1875 te Den Haag. Hij heeft o.a. gewerkt als opzichter bij Rijkswaterstaat in Noord-Holland. Verhoef was toen al gepensioneerd toen hij in Wijhe verbleef. De brieven die hij schreef en waarvan onze vereniging de teksten hebben gekregen van kleinzoon Steven Verhoef, waren bestemd voor zijn twee zoons en schoondochters, Kees en Martien en Frits en Mary. Dagboeken en brieven uit de Tweede Wereldoorlog zijn zeldzaam. Ze bieden vaak bijzondere en onbekende details. Dat blijkt ook uit deze brieven. De genoemde afbeeldingen hebben we weggelaten. Wel toegevoegd is een foto van de boerderij van Strunk waar de heer en mevrouw Verhoef destijds onderdak vonden.

Brief

Wijhe, Enkweg 18, 15 mei 1945 -

Beste Frits en Mary,

Beste Kees en Martien,

We zitten dagelijks te wachten op eenig bericht van jullie, maar tot heden hebben we niets ontvangen. We willen het beste hopen en daarom begin ik maar alvast aan de lang beloofde

brief.

Op zaterdag 7 april werd Ottie (Mevr. v. Munster) door een Duitsch officier vergezeld door 2 militairen, soldaten weggehaald wegens spionage. Dat was ‘s avonds laat of eigenlijk in de nacht - ‘s nachts om 2 uur – en alles sliep. Wij wisten niets en hadden niets gehoord, maar vernamen het de volgende dag van tante Anna. Ottie huilde vreselijk natuurlijk, en zeide aldoor maar: “Ik heb niets gedaan” - maar ze moest mee. Waarom dat gebeurde, weten wij ook niet. Wij en andere menschen dachten eerder dat zij de Duitschers bijstond, maar niet omgekeerd. Toch is het een feit dat zij menig onderduiker en voedselhaler over de IJsel heeft geholpen. Haar man, de heer van Munster zit in Heerde als ass. veearts en weet natuurlijk nog van niets.

Op zondag 8 april werd er hevig geschoten en waren er geweldig veel vliegmachines in de lucht en ‘t was hier zoo onveilig dat we met onze kleeren aan naar bed zijn gegaan. Moeder deed alleen haar corset en schoenen uit en ik mijn schoenen, boord en jas. Maar dat neemt niet weg dat wij die nacht heel behoorlijk hebben geslapen, en niets hebben gehoord van het gedonder en het geknetter, dat zoals we de volgende dag vernomen de gehele nacht had geduurd. Wijhe zit vol met Duitsche soldaten.

Toch zijn we Maandag 9 April nog een kleine wandeling gaan maken, wij voelen ons in de bosschen van de Gelder tamelijk veilig, veiliger dan thuis! En ook die nacht van Maandag op Dinsdag zijn we aangekleed naar bed gegaan. Dinsdag 10 april hebben de Duitschers op de logeerkamer een radiotoestel geplaatst met draden in de bomen, en nu voelen we ons nog minder veilig, want die mannen zitten nu dag en nacht bij het toestel en sturen telkens een soldaat met een briefje ergens heen óf deze komt met een briefje hier.

Op Woensdag 11 April was het schieten hier zóó hevig datwe een groot gedeelte van de nacht in de kelder hebben door gebracht en verder aangekleed zijn gebleven, ook toen we eindelijk het maar hebben overgegeven en naar bed zijn gegaan. We dachten toen aan een uitdrukking: Als je naam op de kogel staat dan vindt hij je toch wel, waar je je ook verstopt. De familie Schuurman, d.w.z. man, vrouw, Hennie en haar Rott. moeder hebben hier op de grond geslapen.

Ook Donderdag 12 April was het schieten niet van de lucht en verbleef de familie Schuurman hier. En toen we ‘s avonds allemaal in onze kamer zaten - d.w.z. 1) Strunk, 2) tante Anna, 3) Dina, 4) Berend, 5) Hendrik, 6) Jo een Utr. jongen die hier logeert, 7) Schuurman, 8) zijn vrouw, 9) Hennie, 10) haar moeder, 11) Lena en 12) ik - kwamen omstreeks 10 uur de Duitsche soldaten die hier ondergebracht waren, ons de hand geven, want ze gingen weg en zeiden:

“Morgen komen de Tommy’s. Ze waren erg neerslachtig en uit die houding maakten we eigenlijk op dat het een vlucht was; een soort vlucht althans. Maar al bracht dit ons in een verwachting, een blijde verwachting dat het met de oorlog op een einde ging loopen, de angsten die we momenteel uitstaan houden ons in een voortdurende spanning. Die heele dag van Donderdag 12 April is het schieten, enz. niet “van de lucht”. M.a.n. het schieten enz. gaat bijna on-onder-broken de gehele dag door. En we zien in het Zuiden en in het Oosten, N.O. en Z.O. rook opstijgen met dikke wolken en dat alles vertelt ons dat er groote branden woeden. Later bleek het ons, verschillende groote boerderijen te zijn geweest maar ook enkele tanks die totaal waren uitgebrand evenals een auto met munitie langs de dijk. Het schieten, gepaart met geweldige uitbarstingen, was oorverdovend soms, en die uitbarstingen bleken later afkomstig ook van het in de lucht laten vliegen van bruggen en ponten. we hebben toen wéér in de kelder gezeten tot 12 uur ‘s nachts, maar aangezien het in die kelder zoo onaangenaam is door het water dat op de bodem staat, door de losse, bewegelijke planken en het dikke dek van stroo, waarboven een petroleumlampje, en de vele menschen die in die kleine kelder zitten waarin zich ook nog de nodige mudden aardappelenbevinden, terwijl daarboven (want de kelder-ingang bevindt zich in de koestal) zich groote hoeveelheden stroo bevinden, 2 paarden, plm. 15 koeien en een 5 tal varkens, daarom hebben we het gevaar van ons bed verkozen boven het gevaar van een kelder waarin brand kan uitbreken, enz. enz. en zijn om 12 uur ‘s nachts dus maar weer aangekleed in ons eigen bedje gekropen.

Ik moet nog vertellen dat we ons bed op stelten hebben laten zetten door den timmerman zoodat de onderzijde een 40 cm. van de vloer is en we daardoor onder het bed kunnen kruipen. Edoch dit hebben we maar 1 keer gedaan, want daarvoor is moeder te stijf, zoodat het een kwartier duurt vóór zij onder het bed ligt en eenmaal er onder het een uurtje duurt voor zij er weer onderuit is.

Maar .... op Vrijdag 13 April komt de verlossing van alle ellende, want om plm. 11 uur komen de eerste Canadeesen per tankwagens van de Raalterweg. Hoera ! hoera ! hoera ! Het gejuich is niet van de lucht. Waar het oranje en de vlaggen in eens vandaan kwamen is ongelooflijk, maar de menschen hier waren dronken van vreugde. Eindelijk, eindelijk weer vrij!

Reacties

afbeelding van Steven Verhoef
De hier weergegeven brief is slechts een klein deel. De complete serie brieven is te lezen op: http://issuu.com/familiearchiefverhoef-vanveen/docs/de_laatste_oorlogsdagen_in_wijhe_-_ Verder ben ik nog steeds op zoek naar wie "tante Anna" en haar dochtertje "de kleine meid Jacqueline" was? En wie woonde er in 1930 op de Enkweg 16?
afbeelding van Gerrit Hendrik Boers
Ken ook nog feel oorlogsverhalen uit Wijhe .mijn ook Gait woo de Kerkstraat 4 en sat in hurt verzet met zijn broker Jan die bij de ram omkwam